Tegen ecologie

In tegenstelling tot de ‘alternatieve’ oplossingen die worden voorgesteld door de ecologisten, zien wij de enige manier om het probleem van de ecologische verwoesting te benaderen binnen de context van de subversie van alle relaties en waarden waarop het kapitalisme gebaseerd is.

Ecologie is het meest relevante sociale fenomeen van massa-omvang geworden in landen in de post-industriële fase. Het is ook het probleem van de eeuw aan het worden voor kapitaal en Staat.

We moeten daarom bekijken wat de ecologische strijd betekent zowel voor zij die erbij betrokken zijn als voor de Staat en het kapitaal die hun belangen proberen te vrijwaren.

De ecologische strijd heeft zich tot nu toe gericht op het vinden van ‘alternatieve’ oplossingen die in staat zijn om de balans tussen de destructieve relatie van de mens met de natuur te herdefiniëren en om te breken met de logica van technologische ontwikkeling gebaseerd op roof en verwoesting.

Hoewel het streven van de ecologisten juist is, is er geen één van hen die de machtsstructuur in vraag stelt, maar er integendeel zelfs heel nuttig voor zijn, waardoor ze zichzelf kan presenteren met een meer kritische en aantrekkelijke vermomming. Wanneer ecologie gescheiden wordt van het sociale vraagstuk, wordt het een geweldige gelegenheid voor de Macht om grootse projecten van sociale integratie op te zetten door de consensus van de proletarische massa’s met de ecologisten uit te buiten.

Het ecologische humanitarisme van zij die protesteren tegen de waanzinnige verspilling van grondstoffen terwijl miljoenen sterven van honger, raakt de koude kleren van het kapitaal totaal niet. Het wordt in feite zelfs een aansporing voor hen om hun eigen productieve en organisatorische capaciteiten te verbeteren die vaak achter stonden op de algemene niveaus van industriële ontwikkeling.

Is het kapitaal dan ecologisch geworden? In tegenstelling tot de ecologisten, denken wij van wel. Op het huidige moment is het kapitaal aan het zoeken naar nieuwe technologieën om de onevenwichtigheid die bestaat in de verwerking van grondstoffen op te heffen. Dit gebeurt doorheen een groeiende rationalisering van haar productiemiddelen. Zonder twijfel plaatst dit een rem op de ecologische vernietiging van de planeet, terwijl de ontginning van grondstoffen verbetert dankzij onder meer de recyclage van de ongebruikte afvalbergen. De technologisch geavanceerde landen gaan met rasse schreden vooruit op dat gebied. En dat in de richting van de creatie van een wereldmarkt, gelinkt met zachte technologie en ecologie die de nieuwe te overstijgen uitdagingen zijn voor het kapitaal.

In de ontwikkelde industriële landen is het de Staat zelf die de grote campagnes rond ecologische problemen lanceert, aangezien ze groot voordeel kan halen uit de industrieën die de instrumenten voor het terugschroeven van de vervuiling leveren. Een andere reden is dat de Staat op deze manier ook een bredere controle over de samenleving kan garanderen, doorheen de betrokkenheid van de massa’s die blijkbaar van dit hun enige vorm van sociale betrokkenheid gemaakt hebben.

De ontwikkeling van een ecologisch aangepaste technologie wordt de weg voor de meer geavanceerde Staten om de afhankelijkheid van de economisch zwakkere landen te versterken en hun toekomstige ontwikkeling te beïnvloeden. Daarom investeren de Staten en het internationaal kapitaal miljoenen dollars in ecologische programma’s.

Ecologische campagnes zijn een echte ecologische cultuur aan het creëren, zelfs in de scholen waar er nu al specifieke lessen zijn over dit onderwerp. Het zijn de meer progressieve en bewuste politiekers die dit project voorstaan. Nooit laten ze een kans schieten om hun engagement in de verf te zetten en om te verwijzen naar de hevige parlementaire gevechten die ze tegen de conservatieven leveren.

De ecologisten zijn Staat en kapitaal een handje aan het helpen. De Groenen, en hun rituele protesten, doen constructieve voorstellen gebaseerd op ‘alternatieve’ oplossingen. Op deze manier spelen ze de rol van ‘loyale oppositie’ tegen het systeem, zonder te beseffen dat ze radertjes zijn in het voortbestaan van het systeem. Hun actie dient de overheersing. Hoewel ze zich vandaag voorstellen als de bewakers van mooie sociale waarden, neigen ze er altijd toe om delen van de anti-institutionele oppositie te proberen recupereren.

De Groenen willen de overheersing een menselijk gezicht geven, en daarom denken ze dat het juist is dat hun projecten gefinancierd worden door de Staat of door net die structuren die de natuur kapot maken. Nu dringen ze binnen in lokale entiteiten, waardoor ze de Staat de mogelijkheid geven haar overheersing zelfs tot in de meest afgelegen gebieden uit te breiden.

Wie kan er enig belang hebben bij een vooruitzicht dat zich richt op het dwingen van het kapitaal om haar geschifte ontwikkeling van zogenaamde harde technologie te vervangen door ‘zachte’ ecologische technologie, buiten zij die het huidige sociale systeem willen in stand houden?

Wij zijn niet geïnteresseerd in de ontwikkeling van het kapitaal, zij het hard of zacht. We zijn alleen maar geïnteresseerd in de vernietiging van het kapitalisme als systeem, samen met de vernietiging van de Staatsapparaten die haar over de hele wereld ondersteunen.

Het ecologische spektakel wilt dat wij participeren in dit systeem van de dood, het probeert ons vast te pinnen op een blijvende situatie van overleven. We leveren er ons aan over met een gemoedelijke onderwerping wanneer we ecologische gevechten tegen de nabije dood van de planeet promoten.

Het is noodzakelijk om meer te doen. De gewelddadige breuk met de bestaande orde is een vitale noodzakelijkheid voor ons. In deze zin stellen we voor om de ecologische strijd op een opstandige leest te schoeien.

Ecologie is alleen maar belangrijk als het begrepen wordt binnen een radicaal proces van verandering, aangezien dit de enige manier is waarop het gebruikt kan worden om het einde van deze maatschappij van overheersing te versnellen.

Er liggen voor ons dan ook twee wegen open: de eerste begint met de vernietiging van de relatie met de macht om een egalitaire, vrije en ecologische samenleving te bereiken; de tweede beperkt zichzelf tot de planeet redden van de complete destructie. Als we de eerste weg kiezen zullen we altijd kameraden vinden die onze initiatieven ondersteunen. Als we de tweede weg kiezen, zullen deze kameraden ons zien als vijanden.

Ook wij zijn dus voor ecologie en tegen alle vormen van vervuiling, maar wij zien de ecologische strijd plaatsgrijpen binnen een context die de totale subversie van alle relaties en waarden waarop dit systeem gebaseerd is vereist.

Pierleone Porcu

uit: Insurrection, nummer 5, 1988.

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License